“Jezus zei tegen hem: Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij.” Joh.14:6
“Want niemand kan een ander fundament leggen dan wat gelegd is, dat is Jezus Christus.” 1Cor.3:11

Bemoedigingen

“En zie, Ik ben met u, Ik zal u beschermen overal waar u heen zult gaan, en Ik zal u terugbrengen in dít land, want Ik zal u niet verlaten, totdat Ik gedaan heb wat Ik tot u gesproken heb!” (Genesis 28:15 HSV)

“Over Benjamin zei hij: De door de HEERE beminde, hij zal onbezorgd bij Hem wonen. Hij zal hem heel de dag beschermen, en tussen Zijn schouders zal Hij wonen!” (Deuteronomium 33:12 HSV)

“Daarom bent U groot, Heere God, want er is niemand zoals U, en er is geen God dan U alleen, zoals blijkt uit alles wat wij met onze eigen oren gehoord hebben.” (2 Samuël 7:22 HSV)

“God is mijn vesting en kracht; Hij heeft mijn weg volkomen gebaand.” (2 Samuël 22:33 HSV)

“Bewaar mij als Uw oogappel, verberg mij onder de schaduw van Uw vleugels” (Psalmen 17:8 HSV)

“8 Ik stel mij de HEERE voortdurend voor ogen; omdat Hij aan mijn rechterhand is, wankel ik niet. 9 Daarom is mijn hart verblijd en mijn eer verheugt zich, ook zal mijn lichaam veilig wonen.” (Psalmen 16:8-9 HSV)

“Hij doet mij neerliggen in grazige weiden, Hij leidt mij zachtjes naar stille wateren.” (Psalmen 23:2 HSV)

“Hij verkwikt mijn ziel, Hij leidt mij in het spoor van de gerechtigheid, omwille van Zijn Naam.” (Psalmen 23:3 HSV)

“De HEERE is mijn kracht en mijn schild; op Hem heeft mijn hart vertrouwd en ik ben geholpen. Daarom springt mijn hart op van vreugde en zal ik Hem met mijn lied loven.” (Psalmen 28:7 HSV)

“De HEERE zal Zijn volk kracht geven,de HEERE zal Zijn volk zegenen met vrede.” (Psalmen 29:11 HSV)

“Een psalm van David. De HEERE is mijn licht en mijn heil, voor wie zou ik vrezen? De HEERE is mijn levenskracht, voor wie zou ik angst hebben?” (Psalmen 27:1 HSV)

“(34:5) Ik heb de HEERE gezocht en Hij heeft mij geantwoord, en mij gered uit al wat ik vrees.” (Psalmen 34:4 HSV)

“(34:19) De HEERE is nabij de gebrokenen van hart, Hij verlost de verbrijzelden van geest.” (Psalmen 34:18 HSV)

“(34:20) De rechtvaardige heeft veel ellende, maar uit dat alles redt de HEERE hem.” (Psalmen 34:19 HSV)

“(36:10) Want bij U is de bron van het leven; in Uw licht zien wij het licht.” (Psalmen 36:9 HSV)

“Schep vreugde in de HEERE, dan zal Hij u geven wat uw hart verlangt.” (Psalmen 37:4 HSV)

“Vertrouw uw weg aan de HEERE toe en vertrouw op Hem: Híj zal het doen.” (Psalmen 37:5 HSV)

“(55:23) Werp uw zorg op de HEERE, en Híj zal u onderhouden; Hij zal voor eeuwig niet toelaten dat de rechtvaardige wankelt.” (Psalmen 55:22 HSV)

“(56:4) Op de dag dat ik vrees, vertrouw ík op U.” (Psalmen 56:3 HSV)

“(56:5) In God prijs ik Zijn woord, op God vertrouw ik, ik vrees niet; wat zou een schepsel mij kunnen doen?” (Psalmen 56:4 HSV)

“8 (56:9) Ú hebt mijn omzwervingen geteld; doe mijn tranen in Uw kruik. Staan zij niet in Uw register? 9 (56:10) Dan zullen mijn vijanden terugdeinzen, op de dag dat ik roep. Dit weet ik: dat God met mij is.” (Psalmen 56:8-9 HSV)

“10 (57:11) Want Uw goedertierenheid is groot tot aan de hemel, Uw trouw tot de wolken. 11 (57:12) Verhef U boven de hemel, o God; Uw eer zij over de hele aarde.” (Psalmen 57:10-11 HSV)

“1 Een psalm van David, voor de koorleider, met een snaarinstrument. (61:2) O God, luister naar mijn roepen, sla acht op mijn gebed. 2 (61:3) Van het einde van het land roep ik tot U, nu mijn hart bezwijkt; leid mij op een rots  die voor mij te hoog zou zijn. 3 (61:4) Want U bent een toevlucht voor mij geweest, een sterke toren tegen de vijand.” (Psalmen 61:1-3 HSV)

“1 Een psalm van David, voor de koorleider, over Jeduthun. (62:2) Zeker, mijn ziel is stil voor God; van Hem is mijn heil. 2 (62:3) Zeker, Hij is mijn rots en mijn heil, mijn veilige vesting; ik zal niet al te zeer wankelen.” (Psalmen 62:1-2 HSV)

“(62:6) Zeker, mijn ziel, zwijg voor God, want van Hem is mijn verwachting.” (Psalmen 62:5 HSV)

“(68:20) Geloofd zij de Heere; dag aan dag overlaadt Hij ons. Die God is onze zaligheid. Sela” (Psalmen 68:19 HSV)

“Wie in de schuilplaats van de Allerhoogste is gezeten, zal overnachten in de schaduw van de Almachtige.” (Psalmen 91:1 HSV)

“1 Een psalm van David. Loof de HEERE, mijn ziel, en al wat in mij is, Zijn heilige Naam. 2 Loof de HEERE, mijn ziel, en vergeet niet een van Zijn weldaden.” (Psalmen 103:1-2 HSV)

“8 Barmhartig en genadig is de HEERE, geduldig en rijk aan goedertierenheid. 9 Hij zal niet voor altijd ter verantwoording roepen, niet voor eeuwig handhaaft Hij Zijn toorn. 10 Hij doet ons niet naar onze zonden en vergeldt ons niet naar onze ongerechtigheden. 11 Want zo hoog de hemel is boven de aarde,  zo is Zijn goedertierenheid machtig over wie Hem vrezen. 12 Zo ver het oosten is van het westen,  zo ver heeft Hij onze overtredingen van ons gedaan. 13 Zoals een vader zich ontfermt over zijn kinderen,  zo ontfermt de HEERE Zich over wie Hem vrezen. 14 Want Híj weet wat voor maaksel wij zijn  en blijft bedenken dat wij stof zijn.” (Psalmen 103:8-14 HSV)

“Want Hij heeft de dorstige ziel verzadigd en de hongerige ziel met het goede vervuld.” (Psalmen 107:9 HSV)

“Welzalig wie Zijn getuigenissen in acht nemen,  die Hem met heel hun hart zoeken,” (Psalmen 119:2 HSV)

“Ja, Uw getuigenissen zijn mijn bron van blijdschap, zij zijn mijn raadgevers.” (Psalmen 119:24 HSV)

“Dit is mij tot troost in mijn ellende: dat Uw belofte mij levend heeft gemaakt.” (Psalmen 119:50 HSV)

“Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad.” (Psalmen 119:105 HSV)

“143 Benauwdheid en nood hebben mij getroffen,  maar Uw geboden zijn mijn bron van blijdschap. 144 Uw rechtvaardige getuigenissen zijn voor eeuwig; geef mij inzicht, dan zal ik leven. 145 Ik heb met heel mijn hart geroepen; verhoor mij, HEERE, ik zal Uw verordeningen in acht nemen. 146 Ik heb U aangeroepen, verlos mij; dan zal ik mij aan Uw getuigenissen houden. 147 Ik ben de morgen schemering voor geweest en heb om hulp geroepen; op Uw woord heb ik gehoopt. 148 Mijn ogen zijn de nacht waken voor geweest om Uw woord te overdenken. 149 Hoor mijn stem overeenkomstig Uw goedertierenheid; HEERE, maak mij levend overeenkomstig Uw recht.” (Psalmen 119:143-149 HSV)

“1 Een pelgrimslied. Ik sla mijn ogen op naar de bergen, vanwaar mijn hulp komen zal. 2 Mijn hulp is van de HEERE, Die hemel en aarde gemaakt heeft. 3 Hij zal uw voet niet laten wankelen, uw Bewaarder zal niet sluimeren. 4 Zie, de Bewaarder van Israël zal niet sluimeren of slapen.” (Psalmen 121:1-4 HSV)

“13 Uw Koninkrijk is een Koninkrijk van alle eeuwen, Uw heerschappij omvat alle generaties. 14 De HEERE ondersteunt allen die vallen, Hij richt alle gebogenen op. 15 De ogen van allen wachten op U, U geeft hun hun voedsel op zijn tijd. 16 U doet Uw hand open en verzadigt al wat leeft, naar Uw welbehagen.” (Psalmen 145:13-16 HSV)

“Ieder woord van God is gelouterd, Hij is een schild voor hen die tot Hem de toevlucht nemen.” (Spreuken 30:5 HSV)

“Hij: Zie, u bent mooi, Mijn vriendin, zie, u bent mooi, uw ogen zijn als duiven.” (Hooglied 1:15 HSV)

“Zie, God is mijn heil, ik zal vertrouwen en geen angst hebben, want mijn kracht en psalm is de HEERE HEERE, en Hij is mij tot heil geworden.” (Jesaja 12:2 HSV)

“Het is Uw vaste voornemen: U zult volkomen vrede bewaren, want men heeft op U vertrouwd.” (Jesaja 26:3 HSV)

“Vertrouw op de HEERE, tot in eeuwigheid, want de HEERE HEERE is een eeuwige rots.” (Jesaja 26:4 HSV)

“Het gras verdort, de bloem valt af, maar het Woord van onze God bestaat voor eeuwig.” (Jesaja 40:8 HSV)

“maar wie de HEERE verwachten, zullen hun kracht vernieuwen, zij zullen hun vleugels uitslaan als arenden, zij zullen snel lopen en niet afgemat worden, zij zullen lopen en niet moe worden.” (Jesaja 40:31 HSV)

“Wees niet bevreesd, want Ik ben met u, wees niet verschrikt, want Ik ben uw God. Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met Mijn rechterhand, die gerechtigheid werkt.” (Jesaja 41:10 HSV)

“Maar nu, zo zegt de HEERE, uw Schepper, Jakob, uw Formeerder, Israël: Wees niet bevreesd, want Ik heb u verlost, Ik heb u bij uw naam geroepen, u bent van Mij.” (Jesaja 43:1 HSV)

“Wanneer u zult gaan door het water, Ik zal bij u zijn, door rivieren, zij zullen u niet overspoelen. Wanneer u door het vuur zult gaan, zult u niet verbranden, geen vlam zal u aansteken.” (Jesaja 43:2 HSV)

“Wees niet bevreesd, want Ik ben met u. Vanwaar de zon opkomt, zal Ik uw nageslacht halen en vanwaar zij ondergaat zal Ik u bijeenbrengen.” (Jesaja 43:5 HSV)

“Tot uw ouderdom toe zal Ik Dezelfde zijn, ja, tot uw grijsheid toe zal Ík u dragen; Ík heb het gedaan en Ík zal u opnemen, Ík zal dragen en redden.” (Jesaja 46:4 HSV)

“De zon zal voor u niet meer zijn tot een licht overdag en als een schijnsel zal u de maan niet verlichten, maar de HEERE zal voor u zijn tot een eeuwig licht en uw God tot uw sieraad.” (Jesaja 60:19 HSV)

“Van verre tijden af is de HEERE aan mij verschenen:  Met eeuwige liefde heb Ik u liefgehad, daarom heb Ik u getrokken met goedertierenheid.” (Jeremia 31:3 HSV)

“25 Ik zal u de jaren vergoeden die de veldsprinkhaan, de jonge sprinkhaan, de zwermsprinkhaan en de treksprinkhaan hebben opgegeten, Mijn grote leger, dat Ik op u had afgestuurd. 26 Dan zult u overvloedig en tot verzadiging eten, en de Naam van de HEERE, uw God, prijzen, Die wonderlijk met u heeft gehandeld. Mijn volk zal voor eeuwig niet beschaamd worden.” (Joël 2:25-26 HSV)

“Hij zal Zich weer over ons ontfermen, Hij zal onze ongerechtigheden vertrappen, ja, U zult al hun zonden werpen in de diepten van de zee.” (Micha 7:19 HSV)

“De HEERE is goed, Hij is tot een vesting op de dag van de benauwdheid. Hij kent hen die tot Hem hun toevlucht nemen,” (Nahum 1:7 HSV)

“En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld. Amen.” (Mattheüs 28:20 HSV)

“Jezus dan sprak opnieuw tot hen en zei: Ik ben het Licht der wereld; wie Mij volgt, zal beslist niet in de duisternis wandelen, maar zal het licht van het leven hebben.” (Johannes 8:12 HSV)

“En Ik zal de Vader bidden, en Hij zal u een andere Trooster geven, opdat Hij bij u blijft tot in eeuwigheid,” (Johannes 14:16 HSV)

“En wij weten dat voor hen die God liefhebben, alle dingen meewerken ten goede, voor hen namelijk die overeenkomstig Zijn voornemen geroepen zijn.” (Romeinen 8:28 HSV)

“Als u met uw mond de Heere Jezus belijdt en met uw hart gelooft dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult u zalig worden.” (Romeinen 10:9 HSV)

“Meer dan een menselijke verzoeking is u niet overkomen. En God is getrouw: Hij zal niet toelaten dat u verzocht wordt boven wat u aankunt, maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven om die te kunnen doorstaan.” (1 Corinthiërs 10:13 HSV)

“3 Geprezen zij de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, de Vader van de barmhartigheden en de God van alle vertroosting, 4 Die ons troost in al onze verdrukking, zodat wij hen kunnen troosten die in allerlei verdrukking zijn, met de vertroosting waarmee wij zelf door God getroost worden.” (2 Corinthiërs 1:3-4 HSV)

“Want u kent de genade van onze Heere Jezus Christus, dat Hij omwille van u arm is geworden, terwijl Hij rijk was, opdat u door Zijn armoede rijk zou worden.” (2 Corinthiërs 8:9 HSV)

“Want u bent allen kinderen van God door het geloof in Christus Jezus.” (Galaten 3:26 HSV)

“Maar mijn God zal u, overeenkomstig Zijn rijkdom, voorzien van alles wat u nodig hebt, in heerlijkheid, door Christus Jezus.” (Filippenzen 4:19 HSV)

“Maar de Heere is getrouw, Die u zal versterken en bewaren voor de boze.” (2 Thessalonicen 3:3 HSV)

“Want daarvoor spannen wij ons ook in en worden wij gesmaad, omdat wij onze hoop gevestigd hebben op de levende God, Die een Behouder is van alle mensen, in het bijzonder van de gelovigen.” (1 Timotheüs 4:10 HSV)

“Want God heeft ons niet gegeven een geest van vreesachtigheid, maar van kracht en liefde en bezonnenheid.” (2 Timotheüs 1:7 HSV)

“Maar de Heere heeft mij bijgestaan en heeft mij kracht gegeven, opdat door mij de prediking volbracht zou worden en alle heidenen die zouden horen. En ik ben uit de muil van de leeuw verlost.” (2 Timotheüs 4:17 HSV)

“opdat wij, gerechtvaardigd door Zijn genade, erfgenamen zouden worden, overeenkomstig de hoop van het eeuwige leven.” (Titus 3:7 HSV)

“Laten wij de belijdenis van de hoop onwrikbaar vast houden, want Hij Die het beloofd heeft, is getrouw.” (Hebreeën 10:23 HSV)

“Laat uw handelwijze zonder geldzucht zijn. Wees tevreden met wat u hebt, want Hij heeft Zelf gezegd: Ik zal u beslist niet loslaten en Ik zal u beslist niet verlaten.” (Hebreeën 13:5 HSV)

“Daarom zeggen wij met goede moed: De Heere is voor mij een Helper en ik zal niet vrezen. Wat zal een mens mij doen?” (Hebreeën 13:6 HSV)

“Werp al uw zorgen op Hem, want Hij zorgt voor u.” (1 Petrus 5:7 HSV)

“3 Immers, Zijn Goddelijke kracht heeft ons alles geschonken wat tot het leven en de godsvrucht behoort, door de kennis van Hem Die ons geroepen heeft door Zijn heerlijkheid en Zijn deugd. 4 Daardoor heeft Hij ons de grootste en kostbare beloften geschonken, opdat u daardoor deel zou krijgen aan de Goddelijke natuur, nadat u het verderf, dat er door de begeerte in de wereld is, ontvlucht bent.” (2 Petrus 1:3-4 HSV)

“En God zal alle tranen van hun ogen afwissen, en de dood zal er niet meer zijn; ook geen rouw, jammerklacht of moeite zal er meer zijn. Want de eerste dingen zijn voorbijgegaan.” (Openbaring 21:4 HSV)

“De genade van onze Heere Jezus Christus zij met u allen. Amen.” (Openbaring 22:21 HSV)